










Een bestaand gebouw in Brussel, opgedeeld in drie appartementen, met een getrapte achtergevel naar de binnenhof.
De ingreep verdeelt het hoofdvolume in drie zelfstandige appartementen. De voorgevel blijft intact; aan de achterzijde schuift elke laag ten opzichte van de laag eronder, zodat terrassen naar de binnenhof ontstaan. Ruimte stroomt vrij tussen de eenheden, en licht en uitzicht komen van beide gevels, wat de woonkwaliteit versterkt.